Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:
Vindplaatsen:

Inhoudsindicatie:

Vrijwaring. Geen belang bij klacht wegens verwerping cassatieberoep in hoofdzaak. Uitleg grondslag vordering. Samenhang met 14/00181 (hoofdzaak).

Gepubliceerde uitspraken in deze zaak:

Uitspraak



23 januari 2015

Eerste Kamer

nr. 14/00365

LH/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[B],wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. K. Aantjes,

t e g e n

1. [E],gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [G],gevestigd te [vestigingsplaats],

3. [D],wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. H.J.W. Alt.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [B] en [E] c.s.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 161976/HA ZA 09-1393 van de rechtbank Haarlem van 30 december 2009, 21 april 2010 en 7 december 2011;

b. het arrest in de zaak 200.103.853/01 van het gerechtshof Amsterdam van 8 oktober 2013.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [B] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[E] c.s. hebben geconcludeerd tot referte ten aanzien van de subsidiaire klacht in middel I en tot verwerping voor het overige.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep als de Hoge Raad onderdeel 1 in de hoofdzaak, waarin eveneens heden wordt geconcludeerd, ongegrond zou achten en tot vernietiging wanneer de Hoge Raad dat onderdeel wél gegrond zou achten.

De advocaat van [B] heeft bij brief van 31 oktober 2014 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De onderhavige procedure is een geding tot vrijwaring in de hoofdzaak tussen [A] enerzijds en [B] anderzijds. In de hoofdzaak is [B] in hoger beroep bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 8 oktober 2013 (zaaknummer 200.074.075/02) in het gelijk gesteld. Op die grond heeft het hof in deze vrijwaringsprocedure het rechtbankvonnis bekrachtigd, waarmee de vordering van [B] is afgewezen.

Bij arrest van heden (in de zaak 14/00181) heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van [A] tegen de uitspraak van het hof in de hoofdzaak verworpen. Dat brengt mee dat [B] geen belang meer heeft bij de klachten van onderdeel I.

De in de onderdelen II en III aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [B] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [E] c.s. begroot op € 841,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, G. de Groot, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 23 januari 2015.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature